Na de uitleg van Astrid over Insecten en Bloemen zijn we ‘s morgens en ‘s middags in de omgeving van het Trefpunt naar insecten gaan speuren.

Bij het inschrijven konden alle kinderen kiezen naar welke insecten ze extra wilden zoeken als we naar buiten gingen. Er waren groepjes die extra gingen kijken naar vlinders, naar kevers of naar hommels en bijen. Voor elk groepje waren bijbehorende insectenkaartjes van AH en de kinderen konden een “tattoo” van een insect op hun arm plakken. Zo waren we in kleine groepjes verdeeld en we gingen buiten op stap.

Handen met tattoo (foto: Esmeralda)

Vlindergroepje

Hoewel het intussen prachtig zonnig weer was geworden hielden de vlinders zich schuil, of ze waren er gewoon nog niet want we zagen alleen een stuk of 3 koolwitjes en misschien een dagpauwoog. Gelukkig zagen we in de middag nog mooie nestjes met rupsen zitten in de Kardinaalsmutsstruik bij het Trefpunt… er zullen dus binnenkort wel meer vlinders komen.

Rupsen (foto: Yvonne)

Al snel gingen de vlindergroepjes dus ook kijken naar andere insecten en we hebben mooie glimmende zuringhaantjes, rood gestreepte wantsen, heel wat kleine kevertjes en andere rondscharrelende en vliegende insecten gezien. Omdat er weinig vlinders waren hadden we alle tijd en zijn we ook extra goed naar de planten in het hoge gras gaan kijken. We hebben goed in de gele bloempjes van het raapzaad gekeken en gezien dat de langwerpige zaaddoosjes onder de vrouwelijke stempel waren gegroeid. De zaadjes die erin zaten waren nog groen en dus nog niet rijp. Ook hebben we mooie grijze wolkjes stuifmeel van de bloeiende grassen geschud, gelukkig was er niemand die begon te niezen. Astrid vertelde dat grassen geen insecten nodig hebben om het stuifmeel over te brengen, de wind neemt het mee naar de stempels en zo worden de zaadjes bevrucht.

Bijengroepje

De kinderen uit de bijengroepjes hebben extra goed naar de bijen en hommels gekeken en zagen dat ze nectar en stuifmeel verzamelen in de bloemen. In het praatje aan het begin is uitgelegd dat de bloemen de insecten aanlokken met lekker en voedzaam eten: zoete nectar en voedzame stuifmeel, dus ze komen maar wat graag op dat lekkers in de bloem af. Voor de bloemen op hun beurt is het belangrijk dat de eicelletjes worden bevrucht zodat de zaadjes rijp kunnen worden en er nieuwe plantjes uit kunnen ontstaan. De insecten die komen eten, weten dat natuurlijk niet maar omdat ze van bloem naar bloem vliegen nemen ze de mannelijke pollen op hun lijf en poten mee en zo brengen ze deze naar de vrouwelijke stempels toe.

Bloem (foto: Esmeralda)

‘s Middags ontdekten we zelfs dat er een flink hommelnest een plekje heeft gevonden in een vogelhuisje in de tuin van het Trefpunt. Het was er een drukte van belang want de hommels vlogen af en aan.

Kevergroepje

Voor onze keveronderzoekers waren er overal heel veel kevertjes te zien: ze kriebelden over het zandpad, ze klommen in de grashelmen, ze zaten op de blaadjes en op de bloemen. We vonden mooie glimmende zuringhaantjes, langwerpige bruine en zwarte kevertjes, lieveheersbeestjes en natuurlijk hebben we ook mooie wantsen gezien: helemaal groen, groen met bruin en ook nog wantsen met rode streepjes. In de tuin van het Trefpunt zagen we ook nog een paar mooie geel/zwart gestreepte insecten zitten. Esmeralda wist dat het kevers waren en we vonden in het boekje dat het -kleine wespenboktorren- waren.

Collage (foto: Esmeralda)

Honing en bijen

Terug in het Trefpunt had Louise, die zelf een imker is, verse honing meegenomen, zo uit de bijenkast! Dat werd op een toastje gesmeerd en we hebben ervan gesmuld bij het drinken. Alle kinderen vonden het heerlijk! Daarna liet ze ons allerlei dingen zien die voor het houden van honingbijen belangrijk zijn en ze heeft ons over het leven van bijen verteld.

Als het bijvoorbeeld te druk wordt in een bijenkorf dan vertrekt de helft van het bijenvolk met de oude koningin om ergens anders een nieuwe kolonie te stichten. Imkers vangen zo’n bijenzwerm dan weer op in een nieuwe bijenkorf. In de nieuwe bijenkorf die ze bij zich had liet ze ons zien dat er bovenin al een heel klein stukje honingraat was gebouwd. Ze vertelde over de verschillende kamertjes in de raat: kamertjes waarin honing wordt opgeslagen en andere kamertjes die voor de larfjes zijn. Daarna mochten de kinderen met een pipetje en wat water zelf proberen hoe veel keer een bij heen en weer moet vliegen om een theelepeltje nectar uit bloemen te verzamelen… wel 200 keer!!

Tot besluit mochten de kinderen kleine kaarsjes rollen van een lontje en kleine plakjes echte bijenwas die Louise had meegenomen.

Kaarsjes rollen (foto: Esmeralda)

Buiten in de tuin van het Trefpunt hebben we nog gekeken naar de bijenkast van Johan, de imker bij Rotta, en we zagen dat de bijen af en aan vlogen. Als je rustig bleef kijken en niet voor de opening ging staan dan bleven de bijen rustig heen en weer vliegen en hoefde je niet bang te zijn dat ze je zouden prikken. Dat doen ze alleen als je ze bang maakt.

Bijen kijken (foto: Astrid)

En weet je wat nog extra leuk was? ‘s Middags heeft Shirley, een van onze oudere Rangers met van alles geholpen. Misschien komt ze ons vaker helpen, dan is ze nu al een beetje vrijwilliger bij Rotta!

Het was weer een heel erg leuke dag en we hebben van alles met de kinderen kunnen bekijken. Weer veel dank aan onze vrijwilligers: Carlo, Esmeralda, Louise, Renée, Yvonne en Shirley die de kinderen zo goed hebben geholpen, rondgeleid en vragen beantwoord!

Verslag: Astrid Schild